Broedvogels in het Knarbos, de Ooievaarsplas en Reigerplas

Knarbos-winter-7.JPGGeplaatst: 03 december

In 2018 zijn de broedvogels in verschillende gebieden van Het Flevo-landschap geïnventariseerd. Onlangs bespraken we al de vogeltellingen op Schokland, de Rotterdamse Hoek en de kerkuilen in zuidelijk Flevoland. Nu zijn ook de telresultaten van het Knarbos, de Ooievaarsplas en de Reigerplas bekend!

Knarbos: bosvogels nemen in aantal toe

De vorige kartering in het Knarbos dateert uit 2007. Sinds die tijd zijn de bosvogels verder toegenomen. De grote bonte specht ging van 27 naar 39, de boomkruiper van 30 naar 44 en de appelvink van 25 naar 30. De boomklever had het Knarbos tijdens de vorige telling zelfs nog niet gekoloniseerd, nu zijn er al 15 paar.

Sommige soorten deden het minder. Zo is de wielwaal sterk achteruitgegaan (van 12 naar 1). De afname aan in oppervlakte gesloten populierenbos zal hier debet aan zijn geweest. De sterke afname van boompieper (van 22 naar 5) is een verschijnsel dat we in geheel Flevoland zien. Het heeft te maken met het ouder worden en dichtgroeien van het bos.

Een opvallende opsteker is de vooruitgang van de zomertortel (van 9 naar 11 paar). Landelijk is de stand van deze soort tussen 2007 en 2018 immers met ruim 60% achteruitgegaan! De zomertortel is in het Knarbos zelfs talrijker dan houtduif en holenduif! Andere opvallende soorten zijn de houtsnip (1 territorium en als broedvogel verdwenen uit de meeste Flevolandse bossen) en de kleine plevier (1 paar in de Knarvennen).

Ooievaars- en Reigerplas

Ook de Ooievaars- en Reigerplas zijn gekarteerd in 2018. Hier is het verschil tussen een recreatieplas (Reigerplas met in totaal 13 paar) en een rustige plas (Ooievaarsplas met in totaal 50 paar) in de aantallen watervogels zeer goed te zien. Naast verstoring, speelt ook de kwaliteit van de oevers een grote rol (begroeid, rietkraag etc.).

Ook in dit gebied zijn de bosvogels toegenomen (grote bonte specht, appelvink, boomklever en boomkruiper). Helaas is de zomertortel verdwenen. De nachtegaal is stabiel (19 paar).

Riet- en (brandnetel-) ruigtesoorten zijn iets afgenomen (blauwborst, sprinkhaanzanger, bosrietzanger en grasmus). Andere struweelsoorten zijn stabiel (zwartkop, tuinfluiter, spotvogel). Opvallend is de verschijning van zowel boompieper als gekraagde roodstaart in het door runderen begraasde wilgenbos. Andere leuke soorten zijn kleine bonte specht en oeverzwaluw (66 paar).

« Terug

Ontvang onze nieuwsbrief

En blijf op de hoogte van alle activiteiten en nieuwtjes!