Nationale Bijentelling: Meer rosse metselbijen geteld, andere bestuivers blijven achter

Van 16 t/m 20 april deden meer dan 2200 mensen mee aan de Nationale Bijentelling. Er werden ruim 46.000 bijen en andere bestuivers geteld. De rosse metselbij was net als vorig jaar de meest getelde wilde bij. Bijenhotels zorgen er mede voor dat deze soort zich thuis voelt in stad en dorp. Maar er is meer nodig om ook andere bestuivers te ondersteunen.

De rosse metselbij was net als vorig jaar de meest getelde wilde bij tijdens de Nationale Bijentelling. Deze soort profiteert van het ophangen van bijenhotels (credit: Naturalis Biodiversity Center).

Gemiddeld telden deelnemers van de Nationale Bijentelling dit jaar 21 bestuivers tijdens een half uur tellen. Dat is vergelijkbaar met de 22 bestuivers per telling van vorig jaar. De resultaten van de telling zijn een aanvulling op wetenschappelijk onderzoek en andere tellingen door burgerwetenschappers om het voorkomen van bestuivers beter in kaart te brengen. Nuttig voor onderzoekers, maar ook voor deelnemers die hun tuin bijvriendelijk inrichten en willen weten wat dit oplevert. ā€œWe weten in Nederland een stuk beter hoe het gaat met onze bijen dan in andere plekken op de wereld. Daardoor weten we dat het met veel soorten niet goed gaat. Er zijn onder de Nederlandse bijensoorten meer verliezers dan winnaarsā€, vertelt Leon Marshall, bijenexpert bij Naturalis.

Een duidelijke winnaar
Tot de winnaars behoren de metselbijen. Net als vorig jaar was de rosse metselbij de meest getelde wilde bij. En op nummer 2 staat dit jaar de gehoornde metselbij. Beide bijen werden ook vaker per telling gezien dan vorig jaar. ā€œRosse en gehoornde metselbijen hebben dit jaar een mooie start gehadā€, vertelt Wouke Willemijn van Hees, ecoloog bij Landschap Erfgoed Utrecht. ā€œEr waren veel zonuren en er was voldoende regen zodat de vroegste bloemen in de tuin vol nectar stonden. Bovendien profiteren deze soorten enorm van het ophangen van bijenhotels.ā€ Met zo’n bijenhotel kan je je tuin al snel geschikt maken voor de rosse en gehoornde metselbij. ā€œHet zijn echte generalisten, ze hebben voedsel nodig en een nestplekje. Die geven we ze met een bijenhotelā€, zegt Marshall. ā€œAls je een bijenhotel plaatst zie je in het eerste jaar waarschijnlijk een aantal bijen. Maar met de tijd ga je meer bijen in je tuin zien. Als je tenminste ook nectarrijke bloemen hebt.ā€

De boomhommel werd dit jaar weinig gezien en haalde net als vorig jaar niet de top 10 met meest getelde bestuivers (credit: Cees Determann).

Hommels hebben het moeilijk
Vorig jaar was het opvallend dat er weinig hommels werden geteld. En ook dit jaar blijven de verschillende soorten hommels ver achter op de metselbijen. Dat hommels het moeilijk hebben is al langer bekend. Sinds 2018 is het aantal hommels in Nederland met 40% afgenomen. ā€œHommels zijn groot en hebben een lange tong, waardoor niet alle bloemen geschikt zijnā€, vertelt Van Hees. ā€œKruiden zoals hondsdraf, longkruid en smeerwortel zijn super belangrijk voor ze, en juist zulke planten zien we steeds minder vaak in tuinen.ā€

Diverse soorten met diverse behoeften
De belangrijkste opbrengst van de Nationale Bijentelling is volgens Marshall dan ook dat deelnemers zien hoeveel verschillende soorten bijen er zijn en dat die verschillende omstandigheden nodig hebben. ā€œDie verschillende soorten kun je zien in je tuin of het park en je hebt de mogelijkheid om ze te helpen.ā€ Niet elke bijensoort heeft dezelfde behoeften. Om ook andere bijen te ondersteunen in je tuin is het bijvoorbeeld belangrijk om ook open zandige plekken te hebben voor bijen die in de grond nesten. En ook een diversiteit aan bloemen is belangrijk volgens Marshall. ā€œSachembijen gaan bijvoorbeeld al vroeg in de lente op zoek naar voedsel. Voor deze soort is het heel belangrijk dat je al vroeg bloeiende planten in je tuin hebt staan, zoals longkruid.ā€

Helpen door niets te doen
Het is niet moeilijk om wilde bijen en andere bestuivers te helpen. Je doet al heel veel door niets te doen. Haal een paar tegels uit je tuin zodat er open zandgrond is voor zandbijen om in te nestelen en laat kruidachtige planten staan die normaal als onkruid worden gezien. Als je toch nieuwe planten koopt, let er dan op dat ze onbespoten zijn. Ook gemeenten kunnen vooral een bijdrage leveren door op sommige plekken minder te beheren, zegt Marshall. ā€œDe beste plekken voor bijen in de stad zijn braakliggend terrein. Maar daar hebben we in Nederland weinig van omdat er weinig ruimte is. Laat dus stukjes van de stad of het dorp bewust met rust en kijk wat er gebeurt.ā€

Nationale Bijentelling
De Nationale Bijentelling wordt georganiseerd door Naturalis Biodiversity Center, LandschappenNL en IVN Natuureducatie, in samenwerking met EIS Kenniscentrum Insecten, Waarneming.nl en mede-initiatiefnemer Natuur & Milieu.


Steun ons werk

Bijna overal in Flevoland is wel een mooi natuurgebied in de buurt. Maar al dat moois is wel kwetsbaar. Onze boswachters zijn dagelijks in de weer om de natuur te beschermen en te behouden. Voor de financiering van ons werk zijn we afhankelijk van donaties. Help je mee?